Vleesvervangers

Mensen zitten met vragen over hun voeding. Op het eerste gezicht kunnen sommige onderwerpen details lijken, maar het lijkt me geen slecht idee om het eens wat grondiger te bestuderen.

Eén van de vragen uit de Module Q – Vraag en Antwoord luidt :

“Ik heb met veel belangstelling jullie boekje over eiwitten gelezen. In feite verbaast me dat eigenlijk, want ook in de vegetarische voeding wordt er herhaaldelijk op gewezen dat we onze dagelijkse portie eiwitten moeten eten en dat daarom vleesvervangers noodzakelijk zijn. Op enkele uitzonderingen na vind ik vleesvervangers eigenlijk niet lekker. Ik vind niets over dit onderwerp terug in jullie literatuur. Ik zou graag uw mening kennen over dit onderwerp.”

Professor Sherman zei ooit “Vlees is het vervangmiddel”. Waarom zouden dan de vegetariërs en de fruitariërs, die niet geloven dat de mens in normale omstandigheden een carnivoor is, op zoek moeten gaan naar een vervangmiddel voor vlees? Door te zeggen vlees-vervanger, bekrachtigt men het geloof in de effectieve behoefte aan vlees, want omdat men besloten heeft om vegetariër te zijn, is er nu een open ruimte op het bord… een ruimte die moet opgevuld worden. Dat is merkwaardig dat wij langs de ene kant het vlees eten de rug toekeren, omdat het niet nodig of niet natuurlijk is, en langs de andere kant het vervangen.

Als men er de vegetarische kookboeken en vegetarische menu’s op naslaat, ziet men dat de vleesvervangers erg populair zijn en dat er alles aan gedaan wordt om mensen een vervangmiddel te bezorgen waarvan je binnenkort het verschil niet zult zien tussen echt en vals.

Vergeet niet dat deze beweging al ruim honderd jaar bezig is en begon met diverse afgeleide producten van soja, TVP (texturated vegetable protein). Deze industrie is geweldig in omvang toegenomen en voorziet nu in een haast eindeloos gamma van ingeblikte of bereide en verpakte vervangmiddelen in de vorm van worsten, hamburgers, sticks… en worden bereid door bakken, braden, aanmaken met uien, paddestoelen, om het zo goed mogelijk te doen lijken op vlees. De vegetarische organisaties helpen de mensen om de weg hier naartoe te vinden, om vlees te imiteren op zoveel manieren, dat het wel lijkt of vlees eten heel natuurlijk is en behoort tot de normale menselijke voeding, waardoor de plantenvoeding een radicale afstap lijkt van de normale voedingswijze.

Hoewel de ingrediënten voor de vleesvervangers meestal niets anders dan wat granen, bonen en groenten zijn, is alleen de gedachte aan het moeten vervangen en nabootsen erg verwarrend. In de eerste vegetarische restauranten die in het begin van de 20e eeuw in Amerika en Europa opgericht werden, bestond het menu uit een overvloed aan bonen, erwten, granen, om te voorzien in voldoende eiwitten. Deze voedingsmiddelen werden gezien als de plaatsvervangers voor de eiwitten die anderen haalden uit hun steak of vleesgerecht. Als gevolg van de vleesobsessie, hebben vegetariërs vaak van dag tot dag geleefd op onvolwaardige voeding die hoofdzakelijk gekookt, geconcentreerd en vet was.

Ik wil niet oneerbiedig doen tegenover mensen die deze keuze maakten. Ik waardeer het als iemand tot het inzicht komt dat het ook mogelijk is om te leven en te eten zonder bloedvergieten, vooral als men op ethische of gezondheidsgronden het vlees eten vaarwel zegt. Ik wil alleen de dubbelzinnigheid aankaarten, van het vervangen van iets dat door de natuur niet is voorzien. Had de Schepper een vergissing gemaakt, door niet meteen een steakboom te voorzien, of een struik waar de fishsticks te plukken waren? Maar de wijze mens denkt zijn voeding te moeten verbeteren. De leerling-tovenaar met zijn opzienbarende laboratoria en fabrieken zal het verbeteren. Is het de hunkering naar de smaaksensatie die uitging van die klassieke gerechten die een boost geven en daardoor de indruk van kracht of uithouding suggereren?

Terwijl de vegetarische voeding juist een unieke kans biedt voor het herstel van de gezondheid, het herstel van de plaats van de mens in de natuur, drijven veel mensen weg naar een voeding die nauwelijks verschillend is van eender welke klassieke voedingswijze, omdat ze net zo slecht gecombineerd, net zo verschrikkelijk aangemaakt is met vetten, bakken, kruiden, en bijna net zo toxisch is, omdat het nauwelijks verteert en veel zuren en afval achterlaat in het lichaam. Als men de stap naar een vleesloze voeding zette om gezondheidsredenen, was het bijna een stap voor niets. Op uitzondering van de lage cholesterolwaarden en een beetje meer voedingsvezels en groenten en fruit, is het voordeel erg klein.

Dat is precies wat we kunnen besluiten uit de studies van vegetariërs, uit de statistieken en vergelijkend materiaal.

Ik mag natuurlijk niet veralgemenen. Er zijn vegetariërs en vegetariërs. Er zijn er die zeer goed geleerd hebben om te luisteren naar hun lichaam, die de signalen goed begrijpen, die in hun voeding gedisciplineerd en matig zijn, die begrepen hebben wat het wil zeggen om “het natuurlijke zo natuurlijk mogelijk” te laten.

Langs de andere kant heb je vegetariërs die niet verder gaan dan dat ze geen dierlijke producten gebruiken, bv. omdat ze geweldig van dieren houden en het onverdraaglijk vinden dat hun vrienden gedood worden, en nog erger door henzelf zouden opgegeten worden.

Ik kom in contact met beide groepen en iedereen tussenin. Ik waardeer hun allemaal, maar vind het toch een gemiste kans als het gezondheidsaspect niet even kan aan bod komen… Want het is mooi om van dieren te houden, maar niet van zichzelf !

Hoe erg het ook mag lijken, wat de verteerbaarheid betreft, hebben de vleesvervangers niet veel voordeel op echt vlees. (Soms integendeel/ denk bv. aan seitan). Wat het toxisch potentieel betreft, is er wel een groot verschil tussen plantaardig en dierlijk voedsel. Dat is gemakkelijk te testen op een buffet op een zomerdag, met schotels dierlijk voedsel en plantaardig voedsel. Na een namiddag in de volle zon, zullen de schotels met dierlijke voeding bedorven zijn, terwijl de groentesalades en het fruit misschien een beetje verlept zijn, maar nog eetbaar. Het is een weergave van wat er gebeurt in het spijsverteringsstelsel.

De reden voor de zoektocht naar vleesvervangers, schuilt in de aanvaarding van de hoge eiwitwaarden als norm voor de voeding. Nochtans is dit een erfenis van de advokaten van de vleesvoeding. Daarnaast is er de zoektocht naar stimuli, en vlees is één van de gekende stimulerende mogelijkheden. Plantaardige voeding daarentegen stimuleert niet.

Onwetenden over de plantaardige voeding, zouden wel eens kunnen denken dat plantaardig voedsel monotoon is en dat het gebrek aan verscheidenheid ook niet naar bevrediging leidt. Met de overvloed aan fruitsoorten (vers en gedroogd), groenten en noten, zaden, pitten en de creatieve hand van veel vegetarische/hygiënistische vernieuwers, zijn gigantische verscheidenheid mogelijk, weliswaar van een heel ander karakter dan dierlijk voedsel, maar voor de kenner van een kwaliteit, zuiverheid en eerlijkheid die door geen ander voedsel wordt bereikt.

Het is natuurlijk één van de gekten die dicteert dat we per definitie verscheidenheid behoeven en dat we “van alles een beetje tegelijk” moeten eten. Het is een kunstmatige dwang om te variëren, op zoek naar nieuwigheden en het shoppen van andere voedingsgewoonten. De lijst van wansmakelijke keuzes die daaruit voortvloeide, is te akelig om te publiceren, maar je kunt het zo gek niet bedenken, of mensen eten het.

In de natuur gaat dat niet zo. In werkelijkheid eten alle levende wezens extreem monotoon. Ze eten die enkele – en altijd dezelfde – voedselsoorten, waarop ze volledig zijn afgestemd, een heel leven lang.

Deze en honderden andere vragen vind je in Module Q – Vraag en Antwoord. De reacties van de lezers/studenten zijn ronduit enthousiast. Je kunt het zelfs zien als een cursus Gezond Leven – nu benaderd door het stellen van vragen.

Deze digitale Module kost 30 euro. De link volgt na betaling op de Natuur-El-rekening. Ideale literatuur voor de komende vakantie !

Pompoenpitten

De drie belangrijkste zaden die ik wil adviseren zijn pompoen, sesam en lijnzaad. Voeg daar eventueel ook zonnebloempitten aan toe en je hebt de creme van de zaden. Dit is eiwitrijk voedsel, met meer eiwitten dan granen. Pompoenpitten bevatten bijvoorbeeld tot 30 procent eiwit. Deze zaden bevatten veel vitamine E en zijn ook een goede bron van vet, met meer dan de helft van het gewicht. Gelukkig zijn de meeste (meer dan 80 procent) daarvan meervoudig onverzadigde vetten, essentiële vetzuren en in olie oplosbare vitamines A, D en E. Zaden kunnen nogal veel calorieën bevatten,en zijn volwaardig voedsel. Er zijn enkele B-vitamines in zaden, die variëren afhankelijk van het zaad. Ze zijn rijk aan mineralen; ijzer en zink zijn er in overvloed. De hoeveelheid magnesium is goed, vooral in pompoenpitten. De meeste zaden zijn een geweldige bron van koper. De calcium- en kaliumspiegels zijn ook redelijk goed, en er is heel weinig natrium. Het fosforgehalte is hoog, vooral in vergelijking met calcium, dus teveel zaden kan dit evenwicht verstoren. Jodium is meestal ook aanwezig in de meeste zaden.

Pompoenpitten. Deze zijn vooral bekend om hun zinkconcentratie en hun gebruik bij de behandeling en preventie van prostaatproblemen bij mannen. Pompoenpitten zijn ook gebruikt bij de behandeling van darmwormen. Ze zijn een goede bron van eiwitten en bevatten een goede balans van de aminozuren, hoewel tryptofaan, methionine en cysteïne een iets lagere concentratie hebben dan de andere. Hun vetgehalte, meestal onverzadigd, is meer dan 50 procent.

Pompoenpitten bevatten ook veel ijzer, evenals calcium en fosfor, met wat magnesium en koper; ze bevatten ook vitamine E en essentiële vetzuren. Er is een mix van B-vitamines, waarvan niacine de rijkste is. Pompoenpitten worden bij voorkeur rauw gegeten. Eet ze uit de hand of maal ze in een zadenmix of gemengd met of op ander voedsel. Vermijd geroosterde pitten. Dosering : gebruik tot 30 gram per dag.

Eet meer selderij

Er zijn ondertussen over selderij hele boeken geschreven, en toch moet het af en hoe herhaald worden dat selderij een bijzondere groente is. Uiteraard spreken we liefst over sappige stengels van bleekselderij. Ook groene selderij is waardevol, maar het gebruik ervan is zeker beperkter.

Selderij is een voedzame groente die een aantal gezondheidsvoordelen biedt, ondanks dat ze vrijwel geen calorieën bevat. Eet een stengel als een knapperige snack op zich, voeg fijn gesneden toe aan salades en dipsauzen of gebruik in roerbakgerechten en soepen, rijst, enz. Hier is alvast een samenvatting van enkele van de meest bekende gezondheidsvoordelen.

1. Antioxidant en ontstekingsremmend – Selderij staat bekend om zijn antioxidanten zoals vitamine C, mangaan en bètacaroteen, maar het bevat ook andere ontstekingsremmende fytonutriënten. Deze zijn onderzocht om het risico op oxidatieve schade aan lichaamsvetten te verlagen.

Van selderij-extract is bekend dat ze ontstekingsreacties voorkomen, niet alleen in het spijsverteringskanaal, maar ook in bloedvaten. Flavonoïden zoals luteoline en organische verbindingen zoals cumarine bieden bescherming door ontstekingssignalen naar de hersenen te blokkeren.

2. Reguleert het cholesterolgehalte – Een bekend gezondheidsvoordeel van selderij is het cholesterolverlagende vermogen (als de waarden te hoog zijn). Dit komt door het vezelgehalte in selderij, dat helpt overtollige cholesterolverbindingen uit het spijsverteringskanaal op te nemen en uit het lichaam te verwijderen. De ftaliden in selderij, kunnen de afgifte van galsappen stimuleren die het cholesterolgehalte verlagen en arteriële plaque verminderen.

3. Voorkomt hoge bloeddruk – Extracten van selderijzaad (of gebruik van selderijzaad in kruidenmengsels) bevatten voedingsstoffen die de bloedsomloop stimuleren, ontstekingen verminderen en helpen bij het reguleren van de bloeddruk. Het is bekend dat selderij hierbij kan helpen door als spierverslapper te werken en de stroom van calcium en kalium in en uit cellen te vergemakkelijken. Het helpt de bloedvaten te verwijden en samen te trekken, waardoor de bloedstroom wordt verbeterd en de gezondheid van het hart wordt verbeterd. Pthaliden in selderij zijn behulpzaam bij het verlagen van de niveaus van stresshormonen (cortisol) in het bloed, waardoor de bloedvaten gemakkelijker verwijden, waardoor de bloedsomloop meer ruimte krijgt om te stromen en de bloeddruk te verlagen.

4. Voorkomt zweren – Selderij beschermt de bekleding van het spijsverteringskanaal tegen zweren. Het herstelt het maagslijm dat nodig is om de maag te beschermen tegen het vormen van gaten of kleine openingen in het slijmvlies. Selderij voedt maag, darm en dikke darm vanwege de flavonoïden. Andere chemische bestanddelen in selderij, zoals tannines, alkaloïden en vluchtige oliën, reguleren de hoeveelheid vrijgekomen maagsappen en verbeteren de hoeveelheid geproduceerd beschermend slijm.

5. Voorkomt urineweginfecties – Selderij is goed voor blaas en nieren. Het natuurlijke natriumgehalte in selderij, in evenwicht gehouden door het kaliumgehalte, werkt effectief om overtollig vocht uit het systeem te reguleren en weg te spoelen. Tegelijkertijd helpt het alkalische karakter overmatige zuurgraad in het systeem te voorkomen. Selderij vermindert urinezuur terwijl het de urineproductie bevordert, en is nuttig voor het afweren van bacteriële infecties in het maagdarmkanaal. Het eten van meer selderij kan blaasgerelateerde problemen, nierproblemen, urineweginfecties en cystevorming in de urinewegen helpen voorkomen.

6. Mogelijke kankerpreventie – Selderij bevat een aantal kankerbestrijders zoals flavonoïden, ftaliden en polyacetylenen die kankerverwekkende stoffen ontgiften. Selderij heeft ook coumarines die de prestaties van witte bloedcellen verbeteren en de groei van kanker afweren. Om effectief te zijn, richten de antioxidanten zich op vrije radicalen in het lichaam en doen ze hun effect teniet voordat ze erin slagen schade aan te richten in het lichaam. Samen remmen deze voedingsstoffen de groei van tumorcellen, wat de verspreiding van kanker kan voorkomen. Ten slotte is selderij zeer alkalisch, wat helpt om je lichaam te ontzuren. Kankercellen gedijen niet in een alkalisch systeem!

7. Vermindert stress – Selderij bevat tryptofaan, een aminozuur dat het lichaam helpt serotonine aan te maken, het hormoon dat essentieel is voor het behoud van een positieve stemming en een betere nachtrust. Personen die last hebben van stress, hebben ook te maken met slaapproblemen, moeten proberen meer selderij te eten, vanwege de zenuwkalmerende eigenschappen. Ftaliden in selderij helpen om stresshormonen zoals cortisol en adrenaline te verminderen, terwijl het magnesiumgehalte van selderij kalmeert.

Je ziet, redenen genoeg om selderij te eten. Het is een heerlijke groenten waarmee je prima salades kunt maken, onmisbaar in een rauwe soep en een sappig voorafje voor een groentemaaltijd…

Sap maken van selderij (eventueel gemengd met appel) is nog één van die superremedies!

Papajapitten

In het boekje “Superfoods in je dagelijks leven , waarom God geen fastfood eet ”  van Thorsten Weiss  en Jenny Bos staat dat je de papajapitten ook kan eten nl. door ze te drogen en vervolgens ze door een pepermolen te malen en over je eten te strooien . Dit doe ik al verschillende jaren,  hiermee reguleer je de spijsvertering op een natuurlijke manier. En de pitten zouden zelfs zorgen voor de verbranding van vetten. Nu lees ik ergens anders : gooi de papajapitten weg want ze zijn giftig ! Wat is nu de waarheid?  Weet jij hier iets over?

Beste

Ondertussen is Vraag&Antwoord 4 toegevoegd aan Module Q, waar de mensen die het allemaal zo graag in de diepte bestuderen hun hart zullen kunnen ophalen aan een magazine van meer dan 80 goed gevulde pagina’s. Net toen we de redactie besloten, kregen we ook deze vraag en die krijg je als trouwe lezer van deze blog er als bonus bovenop! Papaya of boommeloen is een vrucht die geliefd is vanwege zowel de heerlijke smaak als het uitzonderlijke voedingsprofiel. Veel mensen gooien de zaden weg en geven de voorkeur aan het zoete vruchtvlees. Wat ze zich niet realiseren is dat de zaden eetbaar zijn, en ook zeer voedzaam. Er moet echter rekening worden gehouden met sommige bijwerkingen voordat je ze eet. Dit artikel gaat dieper in op de voor- en nadelen van het eten van papajazaden en hoe ze je gezondheid beïnvloeden.

Papaya-zaden bevatten een verscheidenheid aan micronutriënten. Ze bevatten veel polyfenolen en flavonoïden, twee verbindingen die als antioxidanten werken om de gezondheid te bevorderen. Antioxidanten bestrijden ziekteverwekkende vrije radicalen om oxidatieve stress te voorkomen en chronische ziekten af ​​te weren. Bovendien bevatten papajazaden een hoeveelheid gezonde enkelvoudig onverzadigde vetzuren, waaronder oliezuur. Het verhogen van de vezelinname kan helpen de bloeddruk en het cholesterolgehalte te verlagen.

Potentiële Gezondheidstroeven

Naast het leveren van verschillende voedingsstoffen, zijn papajazaden gekoppeld aan een aantal potentiële gezondheidsvoordelen.

in het beheersen van infecties

Studies tonen aan dat papajazaden bepaalde soorten schimmels en parasieten vernietigen. Volgens een studie was papajazaadextract effectief tegen drie schimmelstammen, waaronder de specifieke ziekteverwekker die verantwoordelijk is voor het veroorzaken van schimmelinfecties. Een andere kleine studie wees uit dat het drinken van een extract gemaakt van gedroogde papajazaden en honing significant effectiever was in het doden van darmparasieten dan een placebo. Er zijn echter verdere grootschalige studies nodig om te bepalen hoe het eten van papajazaden schimmel- en parasitaire infecties bij mensen kan beïnvloeden. Het is ruim dertig jaar geleden dat ik een predikant hoorde uitleggen wat zijn onmisbare hulpmiddel in de tropen was… gemalen gedroogde papayapitten tegen de parasietenbesmettingen die hij en zijn medewerkers opliepen en die hij met dit compleet ongevaarlijke middel onder controle kon houden.

mogelijk beschermend voor de nieren

De nieren spelen een prominente rol in het handhaven van de gezondheid en fungeren als een filter om afvalstoffen en overtollig vocht uit het lichaam te verwijderen. Onderzoek suggereert dat het eten van papajazaden de gezondheid en functie van uw nieren helpt beschermen en behouden. Een onderzoek bij ratten waarbij een zekere toxiciteit gerd geïnduceerd, wees uit dat papajazaadextract nierbeschadiging hielp voorkomen. Papaya-zaden zijn rijk aan antioxidanten, die oxidatieve schade aan de cellen kunnen blokkeren en de gezondheid van de nieren beschermen. Omdat onderzoek op dit gebied nog beperkt is tot dierstudies, zijn er meer op mensen gebaseerde studies nodig om te concluderen dat papajapitten hier een beduidende invloed hebben.

Hoe zit het met zijn kanker bestrijdende krachten?

Vanwege hun indrukwekkende voedings- en antioxidantprofiel, tonen sommige onderzoeken aan dat papajazaden kankerbestrijdende eigenschappen kunnen hebben. Dat vind ik net iets te ver gaand. In de laatste Vraag&Antwoord heb ik na een artikel over “alternatief genezen”, een paar artikels geplaatst over natuurlijke kankerbestrijding. Ik ben altijd verbaasd over de interesse die er leeft over al die natuurlijke voedingsmiddelen en kruiden die “kanker genezen”. Dat wijst op een compleet verkeerd idee over kanker. In feite zou alles op alles moeten gezet worden op het voorkomen van kanker. Zelfs al blijkt dat extract van papajazaad helpt om ontstekingen te verminderen en te beschermen tegen de ontwikkeling van kanker, mag dat niet het gevoel geven dat – voor het geval het zover komt – er toch veel natuurlijke middelen bestaan om er iets aan te doen. Het is waar dat er een studie is die aantoonde dat zwarte papajazaden de groei van prostaatkankercellen verminderden. Maar de waarheid is dat kanker nooit echt genezen wordt – of, zoals het werd beschreven in Sheltons’ “Road to Health” (vertaling De Weg naar Gezondheid) : Hygiënisten beschouwen kanker als een onomkeerbare pathologie. We denken dat, behalve in uiterst zeldzame gevallen, de patiënt, als kanker eenmaal is ontwikkeld, zal sterven aan kanker, op voorwaarde dat hij niet wordt gedood door een operatie, radium of röntgenfoto’s. Hygiënisch leven kan het leven verlengen van de kankerpatiënt en voorkomen dat hij een drugsverslaafde wordt. Het moet algemeen bekend zijn dat kankerpatiënten veel meer van hun medicijnafhankelijkheid omkomen dan van kanker.

De bemoedigende boodschap die de Natuurlijke Hygiëne heeft over kanker is dat het kan worden voorkomen. Een echt hygiënisch leven zal de evolutie van kanker voorkomen. Het is algemeen bekend dat kanker zich nooit ontwikkelt in gezond weefsel, maar altijd in chronisch ziek weefsel. Het behoud van een goede gezondheid zal de ontwikkeling van kanker voorkomen. Dit is een belangrijk feit dat aan de wereld bekend moet worden gemaakt, opdat er een einde kan worden gemaakt aan de huidige kankerverdwazing.

Een betere spijsvertering

Net als andere zaden zijn papajazaden een goede bron van vezels. Vezels bewegen onverteerd door het maagdarmkanaal en voegen massa toe aan de ontlasting om de regelmaat te bevorderen. In feite bleek uit een beoordeling van vijf onderzoeken dat een toenemende vezelinname de ontlastingsfrequentie verhoogde bij mensen met constipatie. Het verhogen van de vezelinname kan ook verschillende andere aspecten van de spijsvertering verbeteren. Studies tonen aan dat voedingsvezels beschermen tegen inflammatoire darmaandoeningen, symptomen van aambeien kunnen verlichten en de vorming van darmzweren kunnen voorkomen.

Mogelijke bezwaren tegen het eten van papajapitten

Hoewel papajazaden in verband zijn gebracht met verschillende gezondheidsvoordelen, zijn er enkele potentiële gezondheidsproblemen die ze kunnen opwekken:

Dierstudies hebben aangetoond dat papajazaden de vruchtbaarheid kunnen verminderen. Een studie toonde bijvoorbeeld aan dat het toedienen van grote doses papajazaadextract aan apen een aandoening veroorzaakte die azoöspermie wordt genoemd, die wordt gekenmerkt door een gebrek aan sperma in het sperma. Een onderzoek bij ratten nam vergelijkbare bevindingen waar en rapporteerde dat papajazaadextract zowel het aantal zaadcellen als de beweeglijkheid van het sperma verminderde. Interessant is dat onderzoekers ontdekten dat deze veranderingen binnen 45 dagen na het stoppen van de behandeling ongedaan werden gemaakt. Merk op dat de onderzoeken een veel hogere dosering papajazaden gebruiken dan de mensen gewoonlijk consumeren. Er zijn menselijke studies nodig om te kijken hoe het consumeren van papaja in de hoeveelheden die gewoonlijk in het dieet worden aangetroffen, de vruchtbaarheid beïnvloeden.

Papajazaden bevatten benzylisothiocyanaat, een stof die ook in kruisbloemige groenten voorkomt. In studies is deze verbinding in verband gebracht met een aantal gezondheidsvoordelen, vooral als het gaat om kankerpreventie. Sommige onderzoeken suggereren echter dat het in grote hoeveelheden schadelijk kan zijn. Ik hoef er niet op te wijzen dat verse papayapitten redelijk scherp smaken, wat eigenlijk al een waarschuwing zou moeten zijn. Als de pitten niet gekauwd worden, hebben ze weinig of geen invloed en worden niet verteerd. Gedroogd wordt de aanwezigheid van deze bitterstof verminderd, maar toch voldoende om parasieten af te voeren. Als ooit bezwaren worden geuit tegen het eten van papajapitten, is het gewoonlijk wegens dit benzylisothiocyanaat, dat in hoge concentratie toxisch is.