Constipatie

In de serie Natuurlijke Hygiëne – kopstukken, publiceerden we verleden jaar “Happy Colon / Een darm die je dankbaar is”. Hierin vind je ervaringen van mensen die van koers veranderden en oa afrekenden met constipatie. Ja, constipatie is een rekbaar begrip en velen zijn tevreden als ze elke dag – of om de paar dagen – een ontlasting hebben.

Als constipatie een dergelijke bijdrage levert in de auto-intoxicatie; die op zijn beurt een oorzaak is voor aandoeningen zoals zenuwspanning, depressie, hartziekten, spijsverteringsklachten, huidaandoeningen… hoe moeten we dan deze aandoeningen behandelen? Zou onze eerste zorg niet moeten zijn, om de darm te reinigen en de regelmatige lediging te verzekeren, eerder dan op zoek te gaan naar nieuwe voorschriften voor kalmeermiddelen en pillen voor de hartklachten, poedertjes voor de maag, en zalfjes voor de huid?

Het lijkt me een prioriteit om als eerste maatregel, de darmspoeling ter hulp te roepen, zodat het lichaam geholpen wordt om zichzelf te ontgiftigen. Op die manier worden de klachten bij de wortel aangepakt. De wereld is zo begaan met de strijd tegen de symptomen, terwijl de oorzaken blijven bestaan. Zo dienen de klachten zich steeds opnieuw te herhalen. Als de toestand van de darm veronachtzaamd blijft, en de toxische kringloop te weinig kansen krijgt voor de afvoer van de afvalproducten, moeten we weinig blijvende verbeteringen verwachten. Als we doorgaan met symptomen te zien als geïsoleerde fenomenen, zonder relatie met een diepere oorzaak, zullen we strijden tegen griep en infectieziekten, astma, hooikoorts en allergie… en de basis leggen voor de verdieping van de ziekte. Er blijft dan maar één optie : afhankelijk blijven van medische onderdrukkingsmiddelen en ze zien als redders in nood. Voor iedereen die van geen oorzaken wil weten, zijn het heilige pillen en poedertjes.

Jaren nadat voor de eerste keer aan zieken had moeten gevraagd worden: “heb je een dagelijkse stoelgang?”, gaan we even onverschillig door met het voorschrijven van pijnstillers tegen hoofd- en spierpijn… omdat we die relatie niet hadden begrepen.

Happy Colon Een gekend naturopaat vertelt . . .

“Constipatie wordt niet bekeken als een ziekte. Toch is het de directe of indirecte oorzaak van veel ziekten. Zijn gevolgen kunnen nauwelijks ingeschat worden. De directe gevolgen impliceren o.a. appendicitis, fistels, colitis, zweren, darmontsteking, gal- en leveraandoeningen, slecht ruikende adem en lichaamsgeur (twee zaken die commercieel worden geëxploiteerd), nierdegeneratie en diabetes. Constipatie is ofwel totaal veronachtzaamd, ofwel afgedaan als iets zonder belang, terwijl het aan de wieg ligt van fysieke en mentale aandoeningen. De studie van eminente onderzoekers, leert wat constipatie heeft gedaan in de geschiedenis van elke patiënt. Indien mensen voedsel zouden gebruiken dat de darmwerking onderhoudt, dan zouden er nog slechts weinig gevallen zijn van darmkanker. Interne vergroeiingen moeten het leven van een mens die intelligent eet niet terroriseren.” (George Teasdale, Nature Heals!)

Sir William Arbuthnot Lane, M.D., bevestigt het vermoeden dat constipatie de onderliggende oorzaak is voor veel ziekten. Hij suggereert dat er een sterk verband is tussen constipatie en kanker. “Indigestie en constipatie zijn de eerste oorzaken van de beschavingsziekten. Als je met een quasi zekerheid kanker bij een persoon wil opwekken, voorzie dan aan geconstipeerde patiënten een overvloed aan vleesproducten en gebruik voor hun constipatie, de gekende irriterende purgeermiddelen.” (The Diet System, p. ll)

De reden waarom Sir Arbuthnot Lane vlees in het bijzonder vermeldt, is omdat vlees geen vezelstoffen bevat, terwijl het veel gifstoffen produceert. Daarom is vlees, als het niet gegeten wordt samen met vezelrijke voeding, een van de meest constiperende voedingsmiddelen, maar in de constipatie het gevaarlijkst van alle.

Uit de cursus Voeding en Gezondheid – deel 1, hoofdstuk 5 citeer ik een andere tekst van Sir Arbuthnot Lane :

“Kanker is het zwaard van Damocles, dat dreigend boven de beschaafde mensheid hangt en deze bedreiging neemt met reuzenschreden toe. Ik zal niet aan kanker sterven, ik neem mijn maatregelen om dit te voorkomen. Wat ik doe, kan iedereen doen. Hetgeen ik doe moest iedereen doen, indien hij geen risico wil lopen aan een ziekte te sterven, die verschrikkelijker is dan tuberculose, syfilis en veel andere ziekten. Met de beschaving is kanker gekomen, doch wat deze heeft gebracht, kan zij ook teniet doen. Wij kunnen evengoed vrij blijven van kanker als de natuurvolken, die deze ziekten nagenoeg niet kennen. Natuurvolkeren krijgen eerst dan kanker, wanneer zij onder invloed van een beschaving zijn gekomen, waardoor zij hun lichaam, evenals het onze, verkeerd behandelen. Men heeft thans meer inzicht in het kankervraagstuk gekregen.Wij weten waardoor deze ziekte wordt veroorzaakt. Het is niet een bacil, waarnaar de wetenschappers zólang hebben gezocht zonder hem te vinden. Kanker (of ziekte) wordt veroorzaakt door gifstoffen, die zich in het lichaam ontwikkelen uit het voedsel dat wij eten. Ik bedoel dit uiteraard in algemene zin. Sommige gevallen van kanker worden veroorzaakt door beschadiging van buitenaf, door stoten, doch het is de vraag of de stoot ooit kanker zou hebben veroorzaakt, indien het gif niet eerst zijn werk in het weefsel had verricht. Wat is de oorzaak, dat de gifstoffen zich in het lichaam ophopen? Slechte reiniging, anders niets ! Het lichaam is nooit bestemd geweest voor wandelende bewaarplaats van gemakkelijk te bederven stoffen, waarvan het de afvalproducten gedurende een etmaal zou moeten bewaren. Ons organisme is niet geschapen om deze behandeling te ondergaan en wij verdragen deze ook niet. Wij kweken kanker en een groot aantal andere ziekten, welke alle dezelfde oorsprong hebben. Er is slechts één oorzaak van ziekte, nl. de gifstoffen.Wij eten drie keer per dag en soms vaker. De stoelgang zou in overeenstemming hiermee drie- of meermalen per dag moeten plaats vinden. Dit behoeft men de dieren niet te leren en de natuurvolkeren zeker niet te vertellen. Wij zullen hieromtrent moeten worden voorgelicht.

“Wij eten dikwijls, hebben te zelden ontlasting en tijdens het verteringsproces worden gifstoffen in ons organisme gevormd. Deze gifstoffen worden door de bloedsomloop meegenomen. Elk deel van het lichaam wordt bereikt. Elk afzonderlijk deel van het lichaam lijdt hieronder. Het organisme vecht hiertegen en sterft onder hardnekkige tegenstand. Het sterft niet op dezelfde dag, waarop het gif ontstaat. Het voert jarenlang een verloren strijd, doch bij een bepaalde gelegenheid komt de ineenstorting. Het is onbegrijpelijk, zoals de moderne mensen tegen zichzelf zondigen; ik kan maar constateren, dat zij niet weten wat zij doen. Wij nemen de ziekten als iets vanzelfsprekend. Wij veronderstellen dat dit het onafwendbare lot van de mens is. Niets is verder van de waarheid verwijderd. Het menselijk leven moet langzaam uitdoven, zoals een zandloper leegloopt.

De dood moet, op hoge leeftijd vredig en in het algemeen gedurende de slaap komen. Vele ziekten zijn er een overtuigend bewijs van, dat de leefwijze verkeerd was. Onze gebreken zijn een aanklacht tegen onszelf. Het merendeel van onze kwalen hebben wij aan onszelf te danken. Iedereen kan zorg dragen, dat het huis, waarin zijn cellen leven, een behoorlijke afvoer heeft. Hij, die hiervoor niet zorgt, inviteert zelf dood en vernietiging, welke over hem moeten komen, aangezien slechte reiniging van het menselijk lichaam de oorzaak is van kanker en de meeste andere ziekten, die de mensheid teisteren. Neem de oorzaak weg en daarmee zullen wij een einde maken aan de meeste ziekten. Waarom reinigt het lichaam zichzelf niet voldoende ? Ons lichaam werd volkomen geschapen, maar wij hebben onze leefwijze veranderd. Wij noemen deze verandering civilisatie. – Sir William Arbuthnot Lane in “Levend Voedsel”

Interessant om weten is, dat, Dr Bernard Jensen het werk van Sir Arbuthnot Lane vermeldt : . . .

‘Zij die twijfelen aan de directe relatie tussen het colon en de functionaliteit van verschillende organen, moeten zich verdiepen in het gedurfde en vranke woord van Sir Arbuthnot Lane, in Engeland. Hij bewees die relatie omdat hij chirurgisch het grootste deel van de dikke darm bij patiënten verwijderde, terwijl daardoor hun symptomen van artritis, reuma, enz., verdwenen in de loop van de volgende weken. Schildkliervergrotingen reageerden onmiddellijk, tuberculose werd gemilderd… verdere chirurgische ingrepen en amputaties waren overbodig… Zelfs in het geval van de ziekte van Raynaud, waar er gangreen was in de vingers, werden de handen hersteld tot een perfecte conditie, een korte tijd na het verwijderen van deze brandhaard van infecties en met toxines belaste darm.’ (Bernard Jensen D.C.,N.D., The Science and Practice of Iridology, p. 312)

Onze volgende activiteit op 7 april :

Diabetes en Fruit

Kunnen diabetici fruit eten?

Het is een vraag die ik dikwijls kreeg en ik heb daar altijd op geantwoord “onder voorwaarden”. Laten we één van die voorwaarden eens van nabij bekijken. Waarom ik dit zo in de kijker zet, is omdat fruit een natuurlijk voedingsmiddel is dat het meest wordt belasterd door vele trends op het gebied van natuurlijke gezondheid en zelfs binnen de rauwe voeding. Als daar iemand is die fruit eet, en zich er prima bijvoet, komt die daar iemand tegen die fruit eten voorstelt als levensbedreigend… Zelfs het Hippocrates Health Institute doet mee aan een angstcampagne over het eten van fruit, waarbij wordt beweerd dat het eten van fruit verantwoordelijk is voor veel voorkomende gezondheidsproblemen waarmee raw food-mensen wordt geconfronteerd. Het lijkt me daarom tijd voor een opheldering.

“Te veel fruit eten veroorzaakt bloedsuiker-problemen.”

Het is steeds mogelijk dat sommige mensen een bijwerking ervaren bij het eten van (teveel) zoet fruit. In dit geval is het eigenlijk niet het fruit dat de schuld verdient, maar het totale dieet, dat te veel vet bevat. Deze situatie kan het beste worden uitgelegd met enkele citaten uit het boek ‘Breaking the Food Seduction’, door Dr. Neal Barnard.

“Het zal je verbazen om te weten dat je de reactie van je lichaam op welk voedsel dan ook kunt veranderen, zodat je beter in staat bent om te gaan met de suikers die het bevat. (…)

Marjorie was een van onze onderzoeksvrijwilligers. In een laboratoriumtest vroegen we haar een siroop te drinken met daarin 75 gram pure suiker. Door de daaropvolgende twee uur bloedmonsters te nemen, zagen we wat er met haar bloedsuikerspiegel gebeurde. (…) Het piekte na ongeveer dertig minuten en ging daarna snel naar beneden. Dat is een vrij typisch patroon. Als de bloedsuikerspiegel te snel daalt, kan je een nieuwe eetbui krijgen, wat de manier is waarop je lichaam de bloedsuikerspiegel weer op peil brengt.

Dit is het probleem: insuline is het hormoon dat suiker uit je bloedbaan naar de cellen van het lichaam begeleidt. Het is als een portier die de knop op de deur van elke cel omdraait, de suiker naar binnen helpt en vervolgens de deur sluit. (…)

Maar alles verandert als je vet voedsel eet, of als je aanzienlijk aankomt. Insuline kan niet werken in een olievlek. Als er te veel vet in de bloedbaan zit, glijdt de hand van insuline over de knop. Omdat insuline de deur naar de cellen niet kan openen, kan suiker zich in het bloed ophopen. Je lichaam reageert door steeds meer insuline aan te maken, en uiteindelijk zal het de suiker in de cellen krijgen.

(…) Het weglaten van vet uit de maaltijden verbetert de insulinegevoeligheid, wat betekent dat insuline suiker efficiënt naar de cellen van het lichaam begeleidt. (…)

Onder onze begeleiding heeft Marjorie haar dieet aangepast om vet te verminderen en vezels nauwgezet te verhogen. Een paar weken later herhaalden we de test. Ze dronk opnieuw precies dezelfde suikeroplossing, maar de veranderingen in haar bloedsuikerspiegel waren heel anders. Omdat het vetarme dieet haar insuline had verhoogd, was de bloedsuikerspiegel gematigder, was de piek lager en was de daling zachter dan voorheen. (…) In onze klinische onderzoeken hebben we ontdekt dat eenvoudige veranderingen in het voedingspatroon alleen al de insulinegevoeligheid met gemiddeld 24 procent verhogen, en deze kan zelfs nog verder toenemen als je ook aan lichaamsbeweging doet.”

Toont dat aan dat diabetici fruit kunnen eten? 

Zoals iedereen moeten ze leren luisteren naar hun lichaam. Ze beginnen met fruitsoorten met een laag suikergehalte en testen welke hoeveelheid ze daarvan zonder problemen kunnen eten. Fruitsappen zou ik niet aanbevelen, enkel puur fruit en gelimiteerd tot wanneer de ervaring leert dat alles goed loopt. Pas het uitgestelde ontbijt (Mosséri) toe en begin met lichaamsbeweging. Eet nadien om je honger te bevredigen en niet tegen de honger die komt.

PS – Het voorbeeld in de test was suiker. Dat is niet hetzelfde als fruit. Fruit heeft normaal een vertraagde opname, wat beter uitwijst dan suiker.  

Diabetes omkeren

In het winternummer van Health Science (januari 2024) is een interview met Dr Robby Barbaro en Dr Cyrus Khambata over hun diabetes type 1 en hoe ze daar met voeding op inspelen. Sindsdien staat hun leven in dienst van diabetespatiënten en delen ze die ervaring keer op keer.

Ik schakelde over op een plantaardig dieet en het was alsof ik een nieuw leven kreeg! Alles veranderde ten goede. Mijn zicht werd heel snel helderder, mijn energieniveau schoot door het dak en mijn bloedglucose- en A1(c)-waarden daalden. Het was gewoon ongelooflijk.

Robby Barbaro

ROBBY BARBARO heeft talloze mensen geholpen de insulineresistentie om te keren en de volledige controle over hun metabolische gezondheid terug te krijgen. Robby voltooide zijn bacheloropleiding aan de Universiteit van Florida in 2011 en behaalde in 2019 een master in gezondheid aan de American Public University. Hij heeft zes jaar lang meegeholpen aan de opbouw van het revolutionaire Forks Over Knives-imperium en leeft sinds 2000 met type 1-diabetes. Momenteel heeft hij een A1c van 5,3% en een time-in-range van meer dan 90%, terwijl hij een actieve levensstijl handhaaft.

CYRUS KHAMBATTA heeft meer dan 10.000 mensen geholpen de onderliggende oorzaak van insulineresistentie om te keren. Hij behaalde een doctoraat in voedingsbiochemie aan de University of California in Berkeley in 2012. Hij is een expert op het gebied van zowel type 1- als type 2-diabetes, leeft al jaren met type 1- en type 2-diabetes. 1-diabetes sinds 2002, en heeft zijn insulinegebruik met meer dan 40% verminderd dankzij een ‘food first’-aanpak.

Samen vormen Robby en Cyrus het team achter masteringdiabetes.org, een online coachingplatform voor mensen met alle vormen van diabetes dat zich richt op vetarme, plantaardige voeding met volwaardige voeding. Zij zijn de co-auteurs van het bestsellerboek van de New York Times, Mastering Diabetes. Ze zijn in veel media te zien geweest en hebben presentaties gegeven op grote medische conferenties, waaronder de International Plant-Based Nutrition Healthcare Conference (PBNHC), de American College of Lifestyle Medicine (ACLM) Conference, Plant-Stock en VegFest LA.

Ik begrijp dat jullie allebei lijden aan type 1-diabetes, wat, zoals ik het begrijp, een veel minder vaak voorkomende vorm is dan de type 2-diabetes die in dit land zo’n epidemie lijkt te zijn. Wat is precies het onderscheid tussen de twee typen?

RB -Laten we eerst een belangrijk onderscheid maken. We lijden niet aan onze diabetes, we floreren!

MH -Natuurlijk, daar sluit ik bij aan !

Dus dat is nummer één. Maar nummer twee, in de diabeteswereld, zeggen we: “Mensen leven met welke vorm van diabetes ze ook hebben.” Cyrus praat graag over het verschil. Dus ga je gang, Cyrus.

CK Allereerst dachten de meeste mensen dat er maar twee soorten diabetes waren, maar in werkelijkheid zijn er eigenlijk zes verschillende soorten. Er zijn type 1, type 1.5, prediabetes, type 2 diabetes, zwangerschapsdiabetes en type 3 diabetes.

Typen 1 en 1.5 diabetes zijn beide auto-immuunziekten. Wat dat betekent is dat je eigen immuunsysteem wordt misleid om de bètacellen in je alvleesklier aan te vallen. Als gevolg daarvan, als die bètacellen worden aangevallen, hun vermogen om insuline uit te scheiden wordt aanzienlijk verminderd. Mensen met diabetes type 1 waren over het algemeen jonger dan 30 jaar toen de diagnose werd gesteld. Ze evolueerden van het vermogen om een ​​normale hoeveelheid insuline af te scheiden naar het krijgen van een auto-immuunreactie die hen vervolgens binnen ongeveer 12 tot 18 maanden volledig insulineafhankelijk maakte (dat wil zeggen, ze hebben geen insulinesecretie).

Mensen met type 1.5-diabetes zijn over het algemeen ouder, ouder dan 30 jaar. Wanneer ze deze auto-immuunziekte krijgen, is het een langzamer werkende versie van type 1-diabetes, en het is mogelijk dat ze nooit volledig afhankelijk worden van insuline. Je kunt type 1.5 dus beschouwen als een langzaam werkende diabetes type 1 die op volwassen leeftijd begint.

Dan heb je prediabetes en diabetes type 2. Deze twee typen zijn van invloed op ruim 90 procent van de diabetespopulatie. Prediabetes is insulineresistentie die problematisch is geworden. Wanneer uw nuchtere bloedglucose boven de 100 milligram per deciliter komt en uw A1(c)-waarde, die een marker is voor uw totale bloedglucose, begint te stijgen tot ergens tussen 5,7% en 6,4%, is dit een waarschuwingssignaal dat type 2 diabetes in het verschiet ligt. Dit is het moment om enkele veranderingen aan te brengen, zodat u weer niet-diabetisch kunt worden. Je kunt prediabetes dus beschouwen als een waarschuwingssignaal dat er sprake is van insulineresistentie.

En diabetes type 2 is wat er gebeurt als je prediabetes niet corrigeert, en het ontwikkelt zich vervolgens tot diabetes type 2 omdat de basisconditie van insulineresistentie erger is geworden. Type 2-diabetes wordt over het algemeen gekenmerkt door een van twee dingen. Ofwel is uw nuchtere bloedglucose 125 milligram per deciliter of hoger, ofwel is uw A1(c)-waarde 6,5% of hoger. Eén van die twee.

MH – Dit is misschien een domme vraag, maar is een van deze maatregelen zorgwekkender vanuit gezondheidsoogpunt?

CK Dat is een goede vraag. Ik zou zeggen dat de verhoogde A1(c) waarschijnlijk erger is, omdat je A1(c) lijkt op een langetermijnmeting van drie tot vier maanden. En als uw A1(c) verhoogd is, betekent dit dat uw gemiddelde bloedglucose over die hele periode gestegen is, en dat is een indicatie dat u al langere tijd een hoge bloedglucose heeft.

MH – Hoe zit het met de laatste twee typen?

CK -Zwangerschapsdiabetes mellitus is een aandoening die ontdekt wordt tijdens de zwangerschap. Het wordt veroorzaakt door insulineresistentie en kan zwangerschapsgerelateerde complicaties bij de baby veroorzaken, waaronder verhoogde bloedsuikerspiegels, overgewicht, onderontwikkelde longen, doodgeboorte en postpartumhypoglykemie. Het kan ook pre-eclampsie bij de moeder (hoge bloeddruk) veroorzaken. Voor veel zwangere vrouwen is zwangerschapsdiabetes tijdelijk en behandelbaar, resulteert in een gezonde zwangerschap en een gezonde baby, en verdwijnt na de bevalling.

Type 3 diabetes is een conditie die intrinsiek gelinkt is aan Alzheimer’s (ook wel Alzheimer-dementie genoemd), de meest voorkomende vorm van dementie. Meer informatie over deze twee typen kunt u vinden op masteringdiabetes.org/gestationaldiabetes/ en masteringdiabetes.org/type3-diabetes/.

MH – Op welke leeftijd werd bij jullie de diagnose diabetes type 1 gesteld?

RB – Bij mij werd de diagnose gesteld toen ik 12 jaar oud was. Ik heb twee oudere broers en bij mijn middelste oudere broer werd negen jaar vóór mij de diagnose gesteld, dus ik kende de symptomen. Toen ik merkte dat ik de hele tijd naar het toilet ging en de hele tijd dorst had, zei ik tegen mijn moeder: “Ik denk dat ik diabetes heb.” In eerste instantie zei mijn moeder: “Doe niet zo gek, je hebt geen diabetes.” Maar ik ging nog steeds naar het toilet en had nog steeds voortdurend dorst, dus uiteindelijk heb ik mezelf getest en mijn bloedglucose was ruim boven de 400. Op dat moment zei mijn broer: ‘Je hebt diabetes type 1. Pak je tas, je blijft een paar nachten in het ziekenhuis.” En ja hoor, dat was mijn diagnose. Dat was 26 januari 2000, ruim 23 jaar geleden.

CK – Bij mij werd in 2002, toen ik 22 jaar oud was, de diagnose diabetes type 1 gesteld. Dat kwam ook nogal laat, omdat de meeste mensen diabetes type 1 ontwikkelen in hun adolescentie, of zelfs jonger, zoals Robby deed.

MH – Het moet schokkend zijn geweest om die diagnose te krijgen.

CK – Het was zwaar, omdat ik op dat moment laatstejaars op de universiteit zat en alleen maar probeerde de werkende wereld te betreden. Het verraste mij ook omdat ik als volwassene niet dacht dat ik daadwerkelijk de diagnose van deze ‘kinderziekte’ zou kunnen krijgen.

MH – In het geval van Robby leek het alsof de diagnose ‘in de familie’ zat. En jij? Zit het in jouw familie?

CK – Nee. In mijn familie is het nergens te vinden. Daarom vond ik het zo intrigerend. De enige auto-immuunziekte die in mijn familie voorkomt, is de hypothyreoïdie van Hashimoto. Ik heb het, net als mijn beide zussen, en ik denk dat zelfs sommige van onze grootouders het ook hebben gehad. Maar diabetes type 1 was nergens in mijn familie opgedoken.

MH – Ik hoorde onlangs de legendarische Dr. Neal Barnard een geweldige observatie maken over hoe we vaak zoveel van onze problemen toeschrijven aan onze erfelijkheid. Hij wees erop dat de meeste mensen hun familierecepten erven, en dat is waar veel van hun erfelijke gezondheidsproblemen vandaan komen, en niet uit hun genen.

KK – Heel goed gezegd! Ja, de meeste mensen erven hun levensstijl van hun ouders, en dat is de oorzaak van zoveel van hun gezondheidsproblemen.

MH – Hoe hebben jullie elkaar ontmoet? Het zat niet in een ondersteuningsgroep voor type 1 diabetes, toch?

RB – Helemaal niet! De eerste keer dat we elkaar ontmoetten was tijdens een gezondheidsevenement in San Francisco, waar we allebei lezingen gaven. Maar ik kende Cyrus al lang voordat hij mij kende, omdat hij een van de getuigenissen was in het boek van Dr. Doug Graham, The 80/10/10 Diet. Het verhaal van zijn type 1-diabetestransformatie toen hij naar Doug’s Health and Fitness Week ging, was zeer inspirerend.

De meeste mensen erven hun levensstijl van hun ouders, en dat is de oorzaak van zoveel van hun gezondheidsproblemen.

Cyrus Khambata

“Nadat ik Doug Graham had ontdekt, werd ik 14 jaar lang (van 2003 tot 2017) rawfood-veganist, net als Robby. Hij en ik hadden letterlijk hetzelfde dieet – papaja’s, mango’s, dadels, bananen, bakbananen, noem maar op – de hele dag, elke dag. En toen, ergens rond 2017, besloot ik eigenlijk dat ik wat meer gekookt voedsel wilde gaan eten. Eerst sprak ik met Dr. Joel Fuhrman en leerde hoe ik dat het beste kon doen, daarna begon ik met het integreren van gestoomde, niet-zetmeelrijke groenten. Later migreerde ik naar aardappelen en bonen en nog veel meer. Mijn dieet bestaat nog steeds voor 50-60% uit fruit, en de rest bestaat uit zetmeelrijke groenten en bonen.

MH – Hoe zit het met jou Robby, ben jij nog steeds vooral een fruitariër?

RB – Ik zou zeggen dat ik grotendeels nog steeds het 80/10/10-dieet van Doug Graham volg, maar die definitie is slechts een technische kwestie. In wezen zijn Cyrus en ik allebei voorstanders van vetarme, plantaardige, volwaardige voeding. Onze grote passie bij Mastering Diabetes is mensen helpen dat te doen op een manier die voor hen werkt, en er zijn een miljoen verschillende manieren om dat te doen. We hebben duizenden klanten, en elk van hen doet het op een andere manier. Maar er zijn enkele belangrijke principes die iedereen volgt om binnen de Mastering Diabetes-methode te blijven.

Wanneer u een dieet eet dat veel vet bevat, vooral verzadigd vet, veroorzaakt dit de onderliggende aandoening die bekend staat als insulineresistentie in uw spieren en in uw lever.

Er wordt voorspeld dat tegen het jaar 2050 meer dan 50% van de gehele westerse bevolking met een of andere vorm van diabetes zal leven.

Health Science – januari 2024

De doorbraak in Alzheimer

Nu is de echte oorzaak van Alzheimer ontdekt! Tot nu toe heeft de medische wereld net gedaan alsof ze niet wisten wat de ziekte van Alzheimer veroorzaakt. Maar de oorzaken zijn geen mysterie meer!

Onderzoekers hebben ontdekt dat de ziekte van Alzheimer wordt veroorzaakt door afwijkende genen!

De eerder genoemde oorzaken die sinds 1906 zijn geformuleerd, gaan allemaal op de fles. Aluminium vernietigt geen hersencellen. Fluoriden vernietigen geen hersencellen, verstoren niet het DNA en vernietigen geen acetylcholine. Natriumhydroxide (loog) is onschuldig aan het vernietigen van hersencellen. Reader’s Digest en andere tijdschriften hebben het bij het verkeerde eind gehad door alcohol aan te wijzen als het massaal doden van hersencellen. Kwik en kwikdampen doden geen hersencellen zoals verondersteld en eerder aangekondigd. Lood is onschuldig aan vernietiging van hersencellen. Chemicaliën en kankerverwekkende stoffen hebben niets te maken met de ziekte van Alzheimer. Het zijn altijd al slechte genen geweest.

In het nummer van 28 augustus 1995 van het tijdschrift NEWSWEEK schreven Wetenschappers – zo noemen ze zich – dat deze “ontdekking de ontwikkeling van medicijnen kan versnellen om de hersenvernietigende aandoening te bestrijden.” En sinds die dag is het niet anders. Dag na dag, jaar na jaar… doorbraak na doorbraak !

Het is natuurlijk heel wetenschappelijk om bij voorbaat te veronderstellen dat de antwoorden in medicijnen te vinden zijn. Het is heel wetenschappelijk om hoop uit te stralen, dat de ziekte van Alzheimer omkeerbaar is en dat de patiënten hersteld kunnen worden. Het is heel wetenschappelijk om te suggereren dat de aandoening behandelbaar is, wanneer zoveel van de hersenen zijn vernietigd dat de patiënt niet meer normaal kan functioneren. Het is heel wetenschappelijk om oorzaken te negeren door alleen behandelingen te ontwikkelen en zo miljoenen anderen in dezelfde val te laten lopen.

Het is jammer dat de ziekte van Alzheimer een onomkeerbare degeneratieve aandoening is, aangezien hersencellen slechts zeer moeizaam of niet kunnen worden geregenereerd. Het lichaam stopt met de aanmaak ervan als ze halverwege de twintig zijn en begint dan aan het langzame proces van uitputting. Bij het normale tempo van een persoon in goede gezondheid zou naar schatting 5% tot 7% van de hersencellen verloren gaan tijdens een mensenleven van 150 jaar. Veel van onze mensen verliezen meer dan de helft van hun hersencellen tegen de leeftijd van 50 tot 75 jaar!

Compassie en zorgzaamheid zouden moeten beginnen wanneer we zien dat onze medemensen, familie, buren, verwanten… zich halsoverkop in deze en andere ziekten storten, of dat we als maatschappij voorbijgaan aan al de risico’s. We moeten een praktische manier vinden om ze te waarschuwen voor wat ze zichzelf aandoen. En we moeten de wijsheid hebben om de kennis die we al hebben over de oorzaken onmiddellijk in de praktijk te brengen. Heel onze manier van leven en eten en uitputting van ons systeem, is een aaneensluiting van oorzaken geworden – maar we zijn op zoek naar een medicijn dat ons toestaat om gewoon door te gaan?

Want het is gemakkelijk om uit te brengen dat zes minuten per dag intensief sporten kan alzheimer mogelijk met tien jaar vertragen. Is het waar dat nieuw bloedonderzoek de ziekte mogelijk veel sneller kan opsporen? En dan, wanneer ze opgespoord is? En is het waar dat een veelbelovend alzheimermedicijn goedgekeurd is? en dat zelfs een team onderzoekers van de KULeuven/VIB “een nieuwe doorbraak gerealiseerd hebben in het onderzoek naar de ziekte van Alzheimer.”

De hoopvolle berichten over de strijd tegen alzheimer volgen elkaar in rap tempo op. Is het einde van de ziekte nabij? Edo Richard, neuroloog bij het Radboudumc, heeft er vraagtekens bij “Ik zie mezelf als een rasoptimist. Maar als je mij vraagt of we in een stroomversnelling óf in een patstelling zitten, zou ik kiezen voor dat laatste.”

Elke maand verschijnen ruim vijfhonderd wetenschappelijke publicaties over dementie, waar alzheimer de meest voorkomende vorm van is. Ze noemen elk onderzoek een kleine stap. Bovendien moet vervolgonderzoek de bevindingen verifiëren. “En heel weinig van wat gepubliceerd wordt, is uiteindelijk relevant voor de behandeling”.

  • Maar het blijft zoeken naar een “behandeling”, zoals altijd – en niet naar kennis over – en vermijding van – oorzaken. Nochtans zijn er al heel wat feiten gekend over factoren die hersenceldegeneratie in de hand werken – zie eerder – maar het moét een behandeling worden zodat we oorzaken kunnen verrassen, zodat ze geen gevolgen meer hebben.
  • De ziekte van Alzheimer is een hersenaandoening waarbij geleidelijk steeds meer hersenweefsel verdwijnt. Dat leidt tot het verlies van hersenfuncties.Dit gebeurt doordat schadelijke eiwitten (amyloid) zich ophopen in de zenuwcellen, die daardoor kapotgaan. Dat gebeurt vaak het snelst in het gedeelte dat herinneringen aanmaakt, waardoor het kortetermijngeheugen en later ook het langetermijngeheugen verdwijnt. Wetenschappers proberen medicijnen te ontwikkelen die de schadelijke eiwitten kunnen ondervangen.
  • Dr Shelton heeft zoveel geschreven over amyloïde plaque en ik heb de indruk dat het onderzoek geen enkele vordering maakt, want dat komt nog altijd overeen met de vaststellingen van Shelton. Het onderzoek staat te trappelen en te popelen om met een wondermedicijn uit te pakken, de zoveelste illusie en bijkomende toevoeging van alle problemen die er al zijn, omdat men zoekt waar niets te vinden is. Nochtans zijn de fondsenwervingsmachines volop bezig de centen aan het binnenrijven. Met hun eigen woorden : “Maar zoals de wetenschappers zeggen : we zijn er nog niet, er moet nog veel bijkomend onderzoek en testen gebeuren om uiteindelijk komen tot een medicatie. Daarom ook onze oproep : blijf het onderzoek steunen want u kan mee het verschil maken !”
  • Ik heb geen glazen bol, maar ik durf te voorspellen dat met geen 100.000 miljard aan onderzoeksgeld en niet over 100 jaar een oplossing zal zijn gevonden. Maar dat is de bedoeling, want anders droogt de bron op.

Dit artikel maakt deel uit van de toegevoegde artikels in het digitale boekje “Verhoog de Kracht van het Brein”. Dit boekje is een onderdeel van het Natur-El-abonnement 2023 waarin alle nieuw uitgebrachte publicaties worden opgenomen.

Voor meer info, zie “abonnement 2023”

Verleden week hadden we het over Kanker (preventie). Nu hoorde ik gisteren dat het zo goed gaat met de kankertherapie en dat we iedere week op een of andere manier een “doorbraak” kennen. Dat is merkwaardig, geen woord over preventie, alleen over therapie en dat we gul moeten geven, want het is zo erg nodig voor het onderzoek. De deelnemers van verleden week hebben het gehoord: zolang er oorzaken zijn, zullen er ziekten zijn en als de ziekte wordt gedwarsboomd in haar doel, wordt het een steeds hopelozere ziekte. Zijn er geen hulpmiddelen? Ja, die zijn er, maar die zijn niet de basis, maar een ondersteuning.